Menu
03 230 03 33

“Dit is een prachtig beroep. Ik deed dit doodgraag.” Afscheid van Luk

Luk

Luk, onze beleidscoördinator, gaat vanaf 1 september op pensioen. En aangezien hij verlof neemt in de zomermaanden, is dit zijn laatste werkweek. Gedreven, gefocust en energiek bezig als altijd, maakt hij tijd voor een gesprek. We blikken terug op een lange carrière in het sociaal-cultureel werk.

Van einde loopbaan naar begin loopbaan

Bijna op pensioen, hoe voelt dat?

Luk: “Het voelt nog niet echt … Ik slaag erin om ook de laatste weken intensief, geconcentreerd te blijven werken. Ik ben zeker niet aan het uitbollen. Corona maakte mijn job de laatste maanden wel minder stressy: veel van onze projecten liggen stil, waardoor onze collega’s mijn agenda minder doorkruisen met dringende vragen. De samenwerking met mijn opvolger Martine verloopt vlot.”

Denk terug aan je eerste werkdag als jonge snaak. Wat waren toen je dromen?

Luk: “Mijn eerste werkdag was mijn burgerdienst bij Buurtwerk ’t Lampeke in Leuven. Ik heb dat doelbewust opgezocht. Van opleiding ben ik binnenhuisarchitect, omdat het creatieve me erg aansprak. Maar tegelijkertijd voelde ik me ook heel sociaal geëngageerd. Ik merkte toen direct: ik doe dit doodgraag. Ik werkte bij ’t Lampeke mee aan een actieonderzoek, wat meteen voor mij een heel goede basis legde.

De stap naar sociaal-cultureel werk was niet groot. In mijn volgende job bij Intermedium leerde ik projectmatig werken, vertrekkende vanuit behoeften van mensen. Ze waren daar hun tijd vooruit. Intermedium fusioneerde met Biro Gent en Sfinks Boechout in 1996 tot Stadsland. En in 2004 fusioneerden we met een resem vormingsorganisaties samen tot Vormingplus regio Antwerpen. Het sociaal engagement is gebleven tot vandaag.”

Uitschieters

Wat zie je als je grootste verwezenlijking?

Luk: “Ónze grootste verwezenlijking, want het is teamwerk, is Vormingplus omvormen tot een samenhangende, meer professionele organisatie. In 2015 hebben we een pijnlijke financiële noodsituatie met ontslagen geleidelijk kunnen omdraaien naar een vernieuwing en verjonging van het team.

2019 vond ik echt een topjaar. Ons nieuw beleidsplan (2021-2025) is echt een sterk staaltje groepswerk van de beleidsplanningsgroep. Ook de gedegen terugkoppeling vanuit het team, het Bestuur, de Algemene Vergadering en de stakeholders droegen bij tot het plan dat er ligt. Ik merk dat het beleidsplan gedragen is, dat onze collega’s de doelstellingen in de vingers hebben en de neuzen veel meer dan vroeger in één richting staan. Dat gaat zich vertalen in een organisatie met meer slagkracht en met meer impact op de samenleving, hoe bescheiden onze rol of hoe lokaal die impact soms ook is. Daar ben ik rotsvast van overtuigd.”

Nog een goede herinnering, een leuke anekdote?

Luk: “Ik heb kunnen werken in ongelooflijk mooie projecten. Een herinnering die er bovenuit springt: ik begeleidde mee een groep caravanbewoners in Stekene tijdens mijn Stadslandperiode. Op termijn moesten ze daar weg, maar ondertussen hadden ze woonzekerheid en probeerden we de groep te versterken via een participatieproject. De bewoners beslisten een brief te schrijven aan koningin Paola. En die ging daarop in door op bezoek te komen! Wij hielden de bewoners voor dat ze zich sterk moesten opstellen, met de boodschap: “Majesteit, we zijn uw onderdanen, maar we zijn niet onderdanig.” Zo gezegd, zo gedaan. Tot de hele stoet met ‘zwaantjes’, escortes, burgemeester en koningin eraan kwam. Je zag de groep in elkaar zakken, zo onderdanig als de pest (schaterlacht). Je mag als groepswerker mensen maandenlang meenemen in een participatieproces, het is o zo makkelijk om in oude patronen terug te vallen! Nog een bijhorende anekdote: later op de receptie was ik in gesprek met koningin Paola en hoorde ik opeens: “Luk, ken je mij niet meer?!” Bleek dat de man met baard en in een uniform vol medailles en de persoonlijke adjunct van de koningin, een middelbare schoolkameraad te zijn!

Eenzelfde ervaring in de Seefhoek. We deden een maandenlang een participatietraject met bewoners, met ook goede contacten met de stad en de politie. Maar vanaf dat de schepen langskwam, stak de langopgekropte woede weer de kop op.

Het is en blijft een prachtig beroep. Ik heb het doodgraag gedaan. Dat merk ik ook bij onze collega’s, ze trekken zich enorm op aan het groepswerk. Daar vinden ze veel voldoening, hun werkplezier.”

Over dromen en gemis

Als je mag dromen, waar staat Vormingplus over 10 jaar?

Luk: “Mijn droom: over tien jaar is Vormingplus dé partner in het organiseren van burgerparticipatie in onze regio, met onze eigenste sociaal-culturele aanpak.

Ik hoop dat Vormingplus verder werkt op het huidige elan. Dat het nog meer één geheel wordt, nog professioneler, dat we echt het verschil gaan maken in de samenleving. Dat we een motor van vernieuwing zijn, innovatief blijven. Met de juiste partners samenwerken, meer op de tweedelijn ook, zodat we meer impact hebben en participatie overal ingeburgerd wordt.”

Wat ga je missen? Wat ga je zeker niet missen?

Luk: “Het werk op zich: het verbinden van theorievorming met praktijkvorming bijvoorbeeld. Vroeger moest je daarvoor de bib induiken. Sinds internet en zeker sinds de oprichting van Socius vind je de informatie veel gemakkelijker. Ik ga ook de structuur missen, de humor op de werkvloer, het gevoel van trots op onze collega’s voor wat ze presteren.

Wat ik zeker niet ga missen: het gepieker over dingen die niet direct een oplossing hebben, foute beslissingen die je soms neemt …”

Uitsmijter

Nog een gouden tip voor de collega’s?

Luk: “Blijf leren. Blijf op de hoogte van de voortschrijdende wetenschappelijke inzichten eigen aan ons beroep, aan het werkveld. Blijf reflecteren. Ga niet alleen af op je buikgevoel.”

Wat komt er nu?

Luk: “Ik ga de eerste maanden opruimen, zaken op orde zetten thuis. In september zit ik aan zee en volg ik de Tour de France. En daarna begint het. Wat weet ik nog niet. Ofwel zet ik mij in voor anderen via vrijwilligerswerk. Ofwel ga ik toch nog iets creatiefs doen op mezelf. De weg ligt open.”